efe

Trauma

Trauma betekent letterlijk wond.

Sommige wonden zijn duidelijk. Er is iets gebeurd wat te groot, te heftig of te pijnlijk was. Andere ontstaan over langere tijd. Omdat je thuis altijd op je hoede moest zijn. Omdat er weinig ruimte was voor wat jij voelde. Of omdat je al jong leerde dat je vooral sterk moest zijn en door moest gaan.

Een mens past zich aan.

Je leert voelen hoe de stemming in huis is voordat iemand iets heeft gezegd. Je houdt je groot. Zorgt voor anderen. Wordt heel zelfstandig. Of je stopt bepaalde gevoelens ergens weg omdat je er op dat moment weinig anders mee kunt.

Dat kan je behoorlijk ver brengen.

Tot het niet meer werkt.

Dan merk je bijvoorbeeld dat je moeilijk je grenzen voelt, altijd alert bent, snel boos wordt, jezelf wegcijfert of niemand echt dichtbij laat komen. Soms begrijp je met je hoofd allang waar het vandaan komt en reageert je lichaam toch alsof het nog steeds nodig is om jezelf te beschermen.

Voor mij zit trauma daarom niet alleen in het verhaal dat je over je verleden kunt vertellen. Het lichaam doet ook mee.

En ik geloof dat er nog een laag is. Dat we niet alleen een hoofd en een lichaam zijn en dat niet alles wat tussen mensen gebeurt zich laat verklaren. Je kunt dat energie noemen, het vijfde element, bezieling of er helemaal geen naam aan geven.

Ik hoef daar niet van te weten hoe het precies werkt om het serieus te nemen.

Niet ieder trauma is hetzelfde

Hechtingstrauma

Als de mensen van wie je als klein kind afhankelijk was niet altijd veilig of beschikbaar waren, kan dat invloed hebben op hoe je later relaties aangaat. Misschien ben je bang om iemand kwijt te raken. Misschien houd je mensen juist op afstand. Of heb je geleerd dat je het uiteindelijk toch zelf moet doen.

Ontwikkelingstrauma

Soms gaat het niet om één gebeurtenis, maar om wat er gedurende je jeugd steeds opnieuw gebeurde. Veel spanning thuis, onveiligheid, verwaarlozing, geen ruimte voor emoties of voortdurend rekening moeten houden met anderen.

Een kind vindt daar een manier voor.

En die manier kan jaren later nog steeds actief zijn, ook als de omstandigheden allang veranderd zijn.

Intergenerationeel trauma

Je begint niet helemaal bij nul.

Je ouders hadden ouders en die hadden ook weer ouders. Oorlog, verlies, armoede, geweld, ziekte, geheimen en andere gebeurtenissen kunnen invloed hebben op hoe een familie met angst, liefde, verdriet, veiligheid en elkaar omgaat.

Dat betekent niet dat ieder probleem van je grootouders komt. Maar soms helpt het om verder terug te kijken dan alleen naar jezelf.

Daar raakt traumawerk voor mij ook aan systemisch werk.

En dan?

Ik geloof niet zo in het idee dat je alles uit je verleden moet oplossen voordat je verder kunt.

Wel in kijken naar wat er gebeurd is. Naar wat je toen nodig had, hoe je jezelf hebt leren beschermen en wat daarvan nu nog steeds meespeelt.

Daarbij kan praten helpen. Maar praten is niet heilig.

Soms werk ik daarom ook met adem, het lichaam, een opstelling, stilte of een ritueel. Niet omdat één daarvan de oplossing is, maar omdat een mens uit meer bestaat dan alleen zijn gedachten.

PTSS

PTSS is een psychische aandoening die kan ontstaan na een schokkende of bedreigende gebeurtenis. Dat vraagt soms om specialistische behandeling.

Ik ben geen behandelaar voor PTSS. Als ik denk dat wat er speelt buiten mijn werk valt, zal ik dat ook zeggen en kan ik met je meedenken over iemand die daar wel voor is opgeleid.